Noordelijk Scheepvaartmuseum

  • Slide 2
  • Slide 6
  • Erebus
  • Damsterdiep
  • Slide 1
  • Scheepswerf

Wat leuk dat je een spreekbeurt gaat geven over de geschiedenis van de stad Groningen. We hopen dat dit spreekbeurtpakket je op weg helpt met het maken van je spreekbeurt. Je hoeft natuurlijk niet alles te vertellen, je kunt ook in de klas de dingen vertellen die jij het meest leuk, verrassend of grappig vindt.

Tijd van jagers en boeren

Mensen liepen al lang geleden rond in het gebied dat nu Groningen heet. 14.000 jaar geleden was dit een bijna lege vlakte waar rendierjagers hun kudde achterna reisden. We vinden sporen van deze mensen terug in de vorm van vuurstenen werktuigen. Men woonde toen nog niet permanent op één plek. Daarom bezat men niet veel spullen, je moest alles van plek naar plek kunnen dragen. De eerste permanente bewoners legden akkers aan en bouwden hunebedden. De hunebedden zijn ongeveer 5000 jaar oud en in de provincie Groningen kun je er twee vinden, vlakbij Noordlaren en één bij Delfzijl. De laatste ligt niet meer op de originele plek maar is verplaatst. Via de website Hunebedden in Nederland kun je verschillende Drentse Hunebedden in 3D bekijken. In de periode hierna werd het gebied moeilijk bewoonbaar.

Tijd van monniken en ridders

Het zeewater steeg en er vormde zich veen wat zorgde voor een drassig en moeilijk begaanbaar landschap. Rond 600 voor Christus vestigden mensen zich op de hoogste plekken in het gebied. Dit waren boeren die leefden van akkerbouw en veeteelt. De huizen waren gebouwd van hout, stro en riet. Al snel (rond 500 voor Christus) begonnen de bewoners hun bewoningsplekken op te hogen. Hier werden zoden en klei voor gebruikt. Door de ophoging beschermden ze hun huis tegen overstromingen. Deze woonheuvels worden in Groningen wierden genoemd en in Friesland terpen. Op ten duur werden de wierden steeds groter en verder uitgebreid.

De stad Groningen lag niet op een wierde. De stad ligt namelijk op het einde van de Hondsrug. Dit is een soort lange zandheuvel dat dwars door Drenthe snijdt en eindigt in de binnenstad van Groningen. Er wordt aangenomen dat het gebied, wat nu de stad Groningen is, sinds de 3e eeuw voor Christus continu is bewoond. Pas vanaf de 7e eeuw kunnen we meer sporen terug vinden van de ontwikkeling van Groningen. Zo hebben we graven van bewoners uit deze periode gevonden op de plaats waar nu de Martinikerk staat. In de 9de eeuw hebben de belangrijkste wegen, die wij nu nog steeds gebruiken, hun definitieve plaats gekregen. Deze wegen zijn de Herestraat, Oude Boteringestraat, Oosterstraat en de route Vismarkt-Grote Markt-Poelestraat.

Tijd van steden en staten

Op 21 mei 1040 wordt de plaatsnaam Groningen voor het eerst genoemd in een tekst. In deze periode ontwikkelde Groningen zich van dorp tot stad. Groningen omringde zich met stadsmuren en grachten. Voordat de muren, wallen en grachten er waren, dienden kerken en stenen huizen als fort wanneer de stad werd aangevallen. De eerste kerken, zoals de voorganger van de Martinikerk, waren van hout en werden al eerder gebouwd, namelijk rond 800. Rond 1040 werd er begonnen aan de bouw van drie stenen kerken waaronder de Martinikerk (voorheen st.-Maartenskerk) en de St.-Walburgkerk. Net als de eerste kerken waren ook de huizen van hout. Door onderzoek weten we dat de noordzijde van de Grote Markt het oudste is en dat veel huizen in de 13e eeuw hier al van steen waren.

De Grote Markt was voor een lange tijd onbestraat, dus men liep op samengedrukte grond. Pas aan het begin van de 12e eeuw werd de Grote Markt bestraat. De bestrating is gevonden tijdens archeologisch onderzoek op twee meter diepte. Dat betekent dat het grondniveau, waar men toen op liep, twee meter lager is dan nu. In de eeuwen erna werd er veel gebouwd in Groningen en bleef de stad alleen maar groeien. In het Noordelijk Scheepvaartmuseum speelt een filmpje waarin je kunt zien hoe de stad er in 1470 uitzag. Voor deze film zijn 1100 panden digitaal gereconstrueerd. Je kunt deze helemaal bekijken in het museum, maar op Youtube kun je een stukje van Groningen in 1470 bekijken en meer te weten komen over Groningen in 1470.

Tijd van ontdekkers en hervormers

Van de 12e tot de 16e eeuw maakten onder andere Zutphen, Deventer, Groningen, Kampen en Zwolle deel uit van een voordelig stedenbond: de Hanze. Er waren wel meer dan 70 landen lid van dit verbond, veel steden uit het buitenland. Al deze steden werden Hanzesteden genoemd. Nederland zoals wij dat nu kennen was er nog niet, er was nog geen eenheid en het was elke stad voor zich. In deze periode nam de handel toe en ook de stedelijke productie. Met deze ontwikkeling steeg de kwetsbaarheid van de handelaren. Het risico om hun handelswaren kwijt te raken aan de zeeschuimers van de middeleeuwen, ook wel bekend als piraten, nam toe. De zogenaamde Likedeelers (spreek uit als Liekedeelers), die met hun kaapvaart de wateren onveilig maakten. Om samen sterk te staan en zich als groep te verdedigen maakten verschillende handelssteden onderling afspraken. Al deze afspraken werden ook wel het Hanzeverbond genoemd. Dankzij deze samenwerking konden handelaren geld besparen, op grotere schaal in- of verkopen en veiliger reizen. Wil je meer lezen over dit onderwerp, ga dan naar de volgende pagina's:
Historisch Nieuwsblad: De Hanze

En Toen Nu: De Hanze

Tijd van regenten en vorsten

Na de Reductie (hiermee wordt bedoeld dat de stad Groningen zich opnieuw aansloot bij de Nederlandse gewesten die in opstand waren gekomen tegen de Spaanse Koning Filips II) in 1594 profiteerden de stad Groningen en de Ommelanden volop van de handel met de Hollandse steden. In de Republiek der zeven verenigde Nederlanden was Groningen het centrum van het Noorden. De stad lag als een spin in het web van de noordelijke kuststrook. De landbouwproducten van de Ommelanden moesten verplicht naar de stad worden gebracht om daar verhandeld te worden. Deze verplichting voor de Ommelanden werd het stapelrecht genoemd. Dit was bedoeld om de positie van de stad Groningen als economisch centrum van het noordelijk kustgebied te verzekeren. Langs de A verrezen allerlei pakhuizen, bierbrouwerijen en andere panden die belangrijk zijn voor de handel.

Veel van haar rijkdom dankte de stad aan haar activiteiten in de Veenkoloniën. In Zuidoost-Groningen lag namelijk een uitgebreid veengebied dat geschikt was om afgegraven te worden. Het afgegraven veen werd vervolgens gedroogd. Dit gedroogde veen noemen wij turf en werd voornamelijk gebruikt als brandstof voor ovens en kachels, maar daarnaast ook als isolatie materiaal. In een van de huizen waar het Noordelijk Scheepvaartmuseum in is gevestigd hebben wij ook turf gevonden in de muren, dat diende als isolatie materiaal. Hout kan natuurlijk ook worden gebruikt als brandstof, maar toen werd het meeste hout gebruikt voor de bouw van schepen. Vooral in de Hollandse steden was de vraag naar turf groot, maar het werd ook geëxporteerd naar plaatsen als Hamburg en Bremen. De stad bouwde kanalen en sluizen, verhuurde stukken veen aan verveners en zorgden ervoor dat het turf via de stad werden verhandeld. Dat alles bracht in vier eeuwen tijd een enorme hoeveelheid geld in het laatje van de stad Groningen.

Je kunt meer lezen en afbeeldingen vinden via De verhalen van Groningen.

Rond 1600 groeide de stad uit haar jas, vandaar dat er opdracht werd gegeven om uitbreiding van de stad te ontwerpen. De oppervlakte van Groningen moest bijna verdubbelen, vooral aan de noord- en westzijde van de stad. Een jaar na de oprichting van de Groninger Universiteit werd dan ook begonnen aan de uitbreiding van de stad. Pas in de 19e eeuw is dit gebied, dat gebouwd werd in de 17e eeuw, bebouwd. Op de onderstaande kaart kun je de uitbreiding van de stad zien aan de noord- en westzijde. De stadsomwalling werd ook uitgebreid om dit gebied heen.

Leuk feitje: heb je ooit wel eens gekeken naar de vorm van het Noorderplantsoen? Het heeft zijn vorm te danken aan de voormalige vestigingswallen, die je kunt zien op de kaart van Groningen hierboven. Zie je de overeenkomst in vorm? De stad werd steeds voller. Na 1874 heeft de stad Groningen de stadswallen afgebroken. Er werden singels aangelegd en dus ook het Noorderplantsoen. De heuvels in het Noorderplantsoen zijn de resten van de oude bastions (dat zijn die uitstekende punten in de stadsmuur die je op de afbeelding van de kaart van Groningen kunt zien). De slingerende vijvers in het Noorderplantsoen zijn de resten van de vestigingsgracht.

 

Borgen

De rijkdom van de Gouden Eeuw is ook terug te vinden in de borgen buiten de stad Groningen. De oude middeleeuwse steenhuizen van de hoofdelingen (de titel hoofdeling was geen adellijke titel, maar gaf aan dat iemand een belangrijk persoon was) groeiden uit tot buitenplaatsen van de jonkers, de meest vooraanstaande onder de rijke boeren. De Freaylemaborg bijvoorbeeld, veranderde van een betrekkelijk simpele boerderij in een klein paleis. Chinees porselein, modieuze kasten en handgeschilderd behang verraden dat de welvaart niet aan de jonkers voorbij ging. Ook de borg Verhildersum is daarvan een mooi voorbeeld.

Wil je meer weten over de geschiedenis van de stad Groningen, de omgeving en vooral over de Freaylemaborg? Op Youtube staat een leuk filmpje: Tekenfilmpje Freaylemaborg

Op Borgen in Groningen kun je alle borgen vinden. Misschien staat of stond er wel één vlakbij jou in de buurt.

De Academia Groningana

De oprichting van de Groninger universiteit in 1614 vormt een mijlpaal in de culturele en wetenschappelijke ontwikkeling van de provincie Groningen. Het is opgericht omdat de Staten van Stad en Lande het noodzakelijk vonden om over goed opgeleide predikanten en bestuurders te beschikken. De eerste studenten konden een opleiding volgen in theologie, rechtswetenschap, medicijnen en een algemene vooropleiding in de letteren. De hoogleraren baseerden hun kennis voornamelijk op de bijbel en op de boeken van schrijvers uit de klassieke oudheid. De Academie heeft tot 1690 bestaan, daarna heeft het verschillende namen gehad en sinds 1876 heeft het de naam Rijksuniversiteit Groningen. De universiteit van Groningen is de op één na oudste universiteit van Nederlands die nog bestaat. In 1871 laat de universiteit, als eerste in Nederland, een vrouwelijke student toe; Aletta Jacobs. Rond 1690 werden er gemiddeld 70 studenten per jaar ingeschreven. De universiteit heeft nu jaarlijks zo´n 6000 nieuwe studenten.

Kaart van Haubois
Egbert Haubois was een Nederlandse kaartenmaker. Hij maakte in 1643 een van de eerste kaarten van de stad Groningen. Deze kaart was, tot er een nieuwe kaart in 1830 verscheen, de meeste betrouwbare kaart van de stad Groningen. Kort geleden is er van de kaart een 3D reconstructie gemaakt. In dit filmpje kun je door de stad uit 1643 heen ‘vliegen’.

In dit filmpje van RTV Noord over de kaart van Haubois kun je bekijken waarom de kaart in 3D is gemaakt en dat hierdoor zelfs nieuwe informatie is ontdekt.

Bommen Berend

Bommen Berend was de bijnaam van Bernard van Galen. Hij was sinds 1650 de bisschop van Münster. Hij wilde Nederland overnemen en begon met zijn plan bij de stad Groningen. De stad werd in 1672 ingesloten en aangevallen. Maar liefst vier weken werden er over en weer kanonnen afgevuurd. Niet alleen brandbommen maar ook ‘stinkpotten’, een soort bom dat een vieze geur verspreidde. Na die vier weken trok Bommen Berend zich terug, de stad was behouden en ontzet. Daarom vieren wij in Groningen jaarlijks het Groningens Ontzet op 28 augustus, dat herinnert aan het mislukte beleg van Groningen door Bommen Berend.

Lees meer over Bommen Berend op Grunn, RTV Noord en Levend Erfgoed Groningen.

Tijd van pruiken en revoluties

De kerstvloed

De Kerstvloed vond plaats in de nacht van 24 op 25 december in 1717. Na een dagenlange zuidwesterstorm draaide de wind in de kerstnacht naar het noordwesten. De dijken langs de kust werden voor een groot deel weggevaagd. Het gebied overstroomde en het water reikte helemaal tot aan de steden Groningen en Zwolle. In het hele gebied kwamen 14.000 mensen om.

Wil je meer lezen over de Kerstvloed? Er is een speciale website met verschillende verhalen over de Kerstvloed van 1717.

Tijd van wereldoorlogen

Voor en na de Tweede Wereldoorlog

De Tweede Wereldoorlog eindigde voor Groningen op 16 april 1945. De Canadezen slagen erin de Grote Markt, na fel verzet van de Duitsers, over te nemen. Tijdens deze gevechten werd de omliggende bebouwing grotendeels verwoest. Groningen is een van de zwaarst getroffen steden van Nederland. De gevolgen van de oorlog kun je nog steeds op bepaalde plekken in Groningen vinden. Aan de onderkant van de Martinitoren, aan de Grote Markt zijde, kun je bijvoorbeeld verschillende kogelgaten terugvinden.

Extra informatie

Via verschillende sites (hieronder te vinden), zoals beeldbank, Oud-Groningen en De Oude Doos, kun je beeldmateriaal vinden van het stadsgezicht voor de oorlog en erna. Vooral de Oostzijde van de Grote Markt is erg veranderd door de oorlog. Typ op beeldbank Groningen maar eens ‘Grote Markt Oostzijde’ in. Je kunt dit ook proberen voor je eigen straat. Ga zelf op onderzoek uit!

Oud- Groningen

Op Oud-Groningen kun je allemaal oude foto’s vinden van de stad Groningen.

De Oude doos

Op De Oude Doos kun je allemaal oude foto’s vinden van de stad Groningen.

Beeldbank Groningen

Op Beeldbank Groningen kun je allerlei oude foto’s vinden van de stad Groningen en omstreken. Zo kun je bijvoorbeeld zoeken op ‘Grote Markt’. Je vindt dan foto’s maar ook ansichtkaarten.

Animatie over Groningen

Wil je de geschiedenis van Groningen nog eens kort horen? In een kort animatie filmpje van De verhalen van Groningen kun je het opnieuw bekijken.

Het Verleden van Groningen

In acht filmpjes het Verleden van Groningen wordt de historie van de stad Groningen en de provincie verteld, vanaf het ontstaan tot het heden. Als je dit allemaal hebt gelezen zullen veel dingen je bekend voorkomen. Via de volgende link kun je de complete serie vinden.

Canon van Groningen

Via Canon van Groningen kun je leren over de geschiedenis en erfgoed in de provincie Groningen. Je vindt er de belangrijkste momenten, personen en plekken uit het verleden op een rijtje.

Copyright © 2010 Noordelijk Scheepvaartmuseum Groningen. Alle rechten voorbehouden